Kenia, het begin van een fantastische droomreis

Maureen Voorn-Somowidjojo on 04 February 2019

Deel dit:

Een droomreis. Velen hebben er één. Ook mijn echtgenoot en ik. Op safari naar Noord-Tanzania stond al jaren op onze wensenlijst. Ik kon het dan ook bijna niet geloven toen de dag van vertrek eindelijk was aangebroken.

De reis startte met een bezoek aan een olifantenopvangcentrum in Nairobi (Kenia). Je kunt vanuit Amsterdam rechtstreeks naar Nairobi vliegen, maar wij kozen voor een vlucht met Emirates en vlogen via Dubai. De vlucht verliep heel comfortabel. Goede service en attente stewardessen. Comfortabele stoelen, genoeg leuke films en series om te kijken, zodat de tijd omvloog.

Bij aankomst op de luchthaven van Nairobi werden wij verwelkomd door een vertegenwoordiger van de lokale partner van Travel Counsellors, Sense of Africa. We namen het programma voor de komende twaalf dagen door en werden daarna via een privétransfer naar hotel Tamarind gebracht. Dit moderne hotel ligt aan de rand van de stad en vormt een goede uitvalbasis voor uitstapjes naar Giraffe Center, Karin Blixem Museum en David Sheldrick Elephant Orphanage. Het laatste was de voornaamste reden dat wij in Nairobi een aantal nachten doorbrachten. Wij hebben twee olifanten geadopteerd die wij uiteraard heel graag in levende lijve wilden ontmoeten. Het was een hele bijzondere ervaring.

Na twee nachten Nairobi was het tijd voor de echte reden van ons bezoek aan Afrika. Ons safariavontuur startte in het Amboseli National Park. Onze chauffeur tevens gids Martin haalden ons op. Hij zou ons de komende drie dagen rondleiden. Het was vier uur rijden naar onze lodge die midden in het Amboseli National Park ligt. We reden via een hoofdweg die langs het Nairobi National Park loopt. Door de droogte zag het er nog wat dor uit met verspreid verschillende soorten bomen waaronder acacia’s. Martin vertelde dat het park steeds minder wild wordt. Bebouwing rukt op en er wordt steeds meer werkgelegenheid gecreëerd. Een aantal jaar geleden zag je hier nog veel wild, vertelde hij, maar door de groei van de stad blijft er weinig ruimte voor de dieren over. Met als gevolg dat een aantal soorten dreigen uit te sterven.

De tocht voerde langs veel markten waar boeren hun producten proberen te verkopen. Ik zag veel vers fruit, groente en heel veel rode uien. Na ongeveer drie uur rijden sloegen we van de hoofdweg af om het laatste uur over een zanderig weg te rijden. En toen waren we er. Yes! In het Amboseli National Park! Voor we het goed en wel beseften hadden we het eerste wild al gespot: mooie lange Masai giraffe. Oké, ik heb vaker giraffen gezien, maar om één in het echte wild te zien maakte mij zo blij als een kind.

Hoe dieper we het park inkwamen hoe meer wild we zagen: giraffen, impala’s, herten, wrattenzwijnen. Ik kon het niet geloven! En in de verte zag ik ook al de eerste olifanten, half in het water. Mijn geluk kon niet op! Helemaal niet, toen Martin vertelde dat onze lodge uitkijkt op dit stuk park. Wow, we zouden dus zicht hebben op veel wild. En inderdaad. Na het inchecken werden we begeleid naar onze kamer, de Elephant view. Tranen sprongen in mijn ogen. Van blijdschap. We waren midden in het park. Onze droom werd werkelijkheid. Vanuit de veranda van onze lodge keken we uit op het park en kon ik de olifanten, nijlpaarden, gnoes, zebra’s en ander wild zien grazen. Dat was nog niet alles; vanuit onze lodge hadden we ook zicht op de bekende Mount Kilimanjaro. Helaas was de eerste dag bewolkt maar ik beeldde mij in hoe het eruit had kunnen zien. Vast heel magisch.

We brachten de spullen naar onze kamer en gingen direct op pad. Gamedriven. We zagen direct weer veel wild: bavianen, zebra’s, gnoes, gazelles, nog meer giraffen, struisvogels, hyena’s, spiesbokken, waterbokken, nijlpaarden en jakhalzen. We zagen dieren waar we nog nooit van gehoord hadden, zoals de dik-dik anteloop. Een keer kwamen we heel dichtbij een olifantenstier die rustig stond te grazen en zich niets van ons aantrok, wat heel zeldzaam en bijzonder schijnt te zijn. Lucky me! Grazende olifanten met de Mount Kilimanjaro op de achtergrond, een ideaal tafereel voor een waanzinnige foto. Omdat het vandaag helder was, zagen we het besneeuwde topje van de imposante berg. Niet helemaal in zicht, maar genoeg om het ideale plaatje vast te kunnen leggen.

Het Amboseli National Park is heel uitgestrekt. Dat wij zoveel dieren spotten kwam omdat wij in het vlakke gedeelte bleven. Zodat we de dieren al snel in de verte konden waarnemen. Mijn lievelingsdier, de olifant, hebben we gelukkig vaak gezien. Van ver en dichtbij. Single, in kleine en in grote troepen. Jonkies, vrouwen en olifantenstieren. Mijn hoogtepunt was een moederolifant die met haar jong vlak voor onze jeep de weg overstak. Andere hoogtepunten waren twee parende leeuwen en een jagende leeuwin die bij schemering muisstil in het hoge gras lag te loeren naar al het voorbijkomend wild, terwijl haar twee jongen haar geruisloos in het hoge gras observeerden. Watch and learn!

Martin vertelde dat er in het Amboseli National Park meer dan driehonderd soorten vogels leven. We zagen meeuwen, prachtige ibissen en flamingo’s, wel honderden bij elkaar in een meer. Door de lage begroeiing hebben we ook lang kunnen genieten van prachtige zonsondergangen.

Na drie dagen is onze safari, in ieder geval hier, voorbij. Het Amboseli Nationaal Park is adembenemend mooi. De Kenianen zijn gastvrij, servicegericht en vriendelijk. En als we iets van Kenia kunnen leren is dat plastic daar helemaal verboden is. Dit is vervangen door karton of jutte. Wat een eerste kennismaking met een safari. Terwijl ik afscheid nam, was ik stiekem ook alweer nieuwsgierig naar onze volgende bestemming: het Tarangire National Park in Tanzania.

Deel dit:

Terug Naar Boven