Madagascar natuurlijke rijkdom

11 December 2018

Tekst & fotografie: Harmke Kraak

Het stond al lang op mijn verlanglijstje: Madagascar. De baobabs, de dansende halfapen, de vanille, koffie en chocola... Het eiland voor de kust van Afrika biedt een en al natuurlijke rijkdom en de mensen zijn er ongelooflijk vrolijk en vriendelijk.

 

Madagascar is een wereld op zichzelf. Het wordt wel het achtste continent genoemd wegens de grote rijkdom aan flora en fauna. Vanuit de lucht zie ik een lappendeken van rijstvelden. Hoewel dit enorme eiland voor de kust van Zuid-Afrika ligt, doet het met zijn rijstvelden en secuur gevlochten huisjes van palmblad Aziatisch aan. De allereerste bewoners zouden dan ook uit Azië afkomstig zijn geweest. Later kwamen er Arabische en Afrikaanse invloeden. In hoofdstad Antananarivo heerst een gezellige bedrijvigheid. Het is een uitgestrekte stad met zo’n twee miljoen inwoners. Ik logeer in hotel Belvedère, hooggelegen, ergens tussen de boven- en benedenstad in. De entree ligt verborgen in een smal zijsteegje. De vriendelijke jongens van het hotel staan me gedienstig bij de hoofdstraat op te wachten om de koffers te dragen. Frans is de voertaal. De meeste mensen spreken echter Malagasy, dat er in veel dialecten is. Franse invloeden zijn nog steeds merkbaar in deze voormalige kolonie. Zo zie ik in de marktstraten veel kramen met stokbroden.

Wolly-lemuren en de indri
We laten Antananarivo achter ons en over de Nationale Road N2 gaat de rit oostwaarts langs de intens groene rijstvelden en door glooiend heuvelland. Er rijden fietsers op de weg en karren getrokken door buffels. Langs de kant staan af en toe fruitstalletjes, die er verzorgd uitzien. Dan wordt het landschap bergachtiger. We zijn op weg naar Andasibe-Mantadia National Park. In dit nationale park gaan we op zoek naar lemuren (halfapen). De indri is de grootste halfaap; deze kan ruim een meter lang worden. Indri’s komen alleen voor op Madagascar, de zwart-witte indri zelfs alleen in dit gebied. In de middag slapen de indri’s doorgaans. Dus zullen we veel geluk nodig hebben om ze te spotten. Samen met een gids van het park ga ik de jungle in en dankzij zijn scherpe blik stuiten we op de halfapen! Ik zie drie Wolly-lemuren heel knus slapen in een boom en ook de gouden diadeem-sifaka laat zich zien. Hij knabbelt op wat blaadjes. En wat een geluk, we zien ook de indri, de zwart-witte halfaap met zijn lange witte poten... Overnachten doe ik in hotel Eulophiella. Dit resort is niet ver van het park en wordt omgeven door weelderige begroeiing. Op het terras staan peper- en vanilleplanten. Het diner van kip in vanillesaus is smakelijk. Toe is er geflambeerde banaan, het nationale nagerecht van Madagascar. Na tien uur ’s avond gaat in Eulophiella het licht uit om energie te besparen, slechts een klein ongemak dat ook wel weer avontuurlijk is.

Pirateneilandje Sainte-Marie
Minstens zo avontuurlijk is de oversteek naar het eiland Sainte-Marie aan de oostkust! De zee is vandaag vrij onstuimig. Ik zit op een bootje ingeklemd tussen toeristen en locals. Het bootje danst vervaarlijk op en neer op de golven en we varen in hoog tempo. Na ruim een uur bereiken we veilig de overkant. Ter geruststelling: Sainte-Marie is ook per vliegtuig bereikbaar. Op dit langgerekte eilandje hielden zich in vroeger tijden piraten schuil. Ze brachten Sainte-Marie veel welvaart. Ik logeer in het prachtige Princesse Bora Lodge & Spa, de mooiste lodge van het eiland, en word welkom geheten in de halfopen lobby onder een dak van palmblad. De Française Claire, die al zeven jaar op Madagascar woont, leidt me over het terrein. Ze brengt me naar mijn prachtige appartement (‘villa’) aan zee. Midden in de suite bevindt zich een verzonken bad van natuursteen. Princesse Bora heeft een eigen duikschool. Wie wil, kan tijdens zijn verblijf zijn duikbrevet halen. Snorkelbenodigdheden zijn ook voorhanden, want in de lagune zwemmen veel vissen. Van juli tot september is hier het walvisseizoen en zijn er whale watch-excursies. Soms zijn de walvissen zelfs vanaf het strand te zien. Ook fijn is de spa. Deze Jungle Spa maakt gebruik van de natuurlijke producten van Madagascar. Op het menu behandelingen met baobab-olie, scrubs met koffie en cacao, wraps met bananenpalmbladeren... Vanuit mijn villa loop ik over het strand naar de pier met loungeterras boven zee. Een heerlijke plek voor een cocktail en, in mijn geval, om te schrijven!

Logeren in een jungle-lodge
Het volgende logeeradres is Manafiafy. Ik vlieg naar Fort Dauphin in het zuiden. Vandaaruit is Manafiafy Beach & Rainforest lodge te bereiken. De vrolijke Ernest van het resort en zijn chauffeur wachten me op met een jeep. Er volgt een avontuurlijke rit over een zandweg vol kuilen door prachtig regenwoud. Onderweg zie ik gele kelkachtige bloemen met rode klepjes, het zijn vleesetende planten die insecten verzwelgen. In de bushbar van Manafiafy wacht me een warm welkom. Er flakkert een gezellig houtvuur, eromheen staan banken met geborduurde kussens. De ruimte is verder open. Er staat een bordspel van palissanderhout met halfedelstenen als knikkers. Het is het spel solitaire, dat op Madagascar zeer geliefd is. De naam Manafiafy betekent mangrove en staat voor de hoop op veel nageslacht. De staf van Manafiafy bestaat voornamelijk uit locals. Manager Elené uit Kaapstad heeft zich verdiept in hun tradities en leerde hun taal. Ze heeft haar staf de westerse etiquette bijgebracht en dat betaalt zich uit: want de service is tiptop. Deze exclusieve lodge heeft vijf bungalows verspreid over het bos. De paden zijn ’s nachts subtiel met lantaarns verlicht. De eerste avond is het even wennen. Gelukkig loopt een van de medewerkers met een lantaarn vooruit. Mijn bungalow heeft een dak van palmblad en is ruim. De houten vloer is glanzend gelakt en er staat een hemelbed met muskietennet en zelfs een bureautje. Alles is van natuurlijke materialen. De badkamer is afgeschermd met een wand van houten paaltjes. En het strand en de zee liggen letterlijk voor de deur. Vanuit bed hoor ik het rollen van de golven.

Spa op de rotsen
Ik sta vroeg op voor een boottocht bij zonsopgang. Terwijl de zon opkomt, varen we over een spiegelend meer met zijriviertjes vol mangroves. Het is windstil. Ik hoor alleen vogelgeluiden en zie enkele vissers in hun kano’s. Het zijn niet meer dan holle boomstammen. Een Amerikaanse toerist doneerde hen rode life-jackets. We varen langs de Traveler’s palm. Deze waaiervormige plant heet zo, omdat hij veel vocht bevat, waardoor reizigers altijd water tot hun beschikking hebben. We meren aan en maken te voet een jungletocht die uitkomt bij een paradijselijk strand bij zee. Ten Mile Beach heet dit ongerepte strand. Ik zwem in de zee en speur al snorkelend naar vissen. Terug bij de lodge staat een spabehandeling op het programma. De spa bestaat uit een open huisje op de rotsen en ik krijg een behandeling met jlang-jlangolie. Het is een stevige, ontspannende massage. Ik droom weg en het enige wat ik hoor is weer de zee. Later deze dag neemt de knappe Ali, een van de medewerkers van Manafiafy, me mee naar de Whale Tower op het terrein. De hoge houten toren geeft uitzicht op de kust. In het walvisseizoen, dat hier loopt van juni tot november, is dit de perfecte plek om de bultrugwalvissen te spotten. Terug in de bushbar van Manafiafy val ik met mijn neus in de boter. Elené organiseert voor haar gasten een rum tasting. Er  komen vijf flessen sterke rum op tafel, waaronder rum uit Madagascar en een Franse, en voorzichtig proef ik ze een voor een. Er volgt een verrukkelijk diner met op het menu vers gevangen kreeft, de catch of the day.

Dansende Verreaux-sifaka’s
Het beste moet dan nog komen en dat is een verblijf in Mandrare River Camp. Van Fort Dauphin voert een jeeptocht naar dit luxueuze kampement. Mijn nieuwe gids heet Raudin. De weg is weer beroerd, maar dat hoort een beetje bij in dit land. Chauffeur Zo houdt halt. Hij heeft iets ontdekt: voor ons op de weg zit een groen beestje met een krulstaart, het is een wrattenkameleon, die geduldig lijkt te poseren voor de foto. We rijden verder en het regenwoud maakt plaats voor droger gebied, de halfwoestijn met cactussen en Octopus trees, surrealistische bomen die alleen op Madagascar voorkomen met gekke tentakels, overdekt met blaadjes. Mandrare River Camp ligt in de schaduw van tamarindebomen. Het kamp startte in 2005 met eenvoudige legertenten. Inmiddels zijn de tenten eerder huisjes met goede bedden en zo wordt het kamp met de jaren luxueuzer, vertelt manager Jacques. Zelfs Bill Gates was hier te gast. Er is een buitenbar en een zwembadje met ligstoelen. Heerlijk, wat een rust! Het kamp organiseert een hele rits aan activiteiten. Tegen zonsondergang is dat een jeeptocht naar een veld met baobabs oftewel apenbroodbomen, kolossale bomen die wel duizend jaar oud worden. Terwijl de zon zakt, kleurt de hemel rood. Van de baobabs zijn nu alleen de silhouetten nog zichtbaar, een prachtige aanblik. Bij zonsopgang is er een wandeling door het Spiny forest, een bos met veel Octopus trees, waar bijzondere halfapen leven. Mijn grootste wens is om de Verreaux-sifaka te zien. Deze lemuur leeft in het topje van de octopus tree. Heel soms verplaatst hij zich over de grond. Daarbij maakt hij sierlijke zijwaartse sprongen. De kans deze halfaap te zien is klein, maar wat een geluk: we spotten ook deze witte lemuur en zien hem springen van boom naar boom! Het is een bijzondere afsluiting van een heel bijzondere reis.

Tip:
Stitch Sainte–Luce
Bij dit naaiatelier in de buurt van Manafiafy Beach & Rainforest Lodge maken vrouwen van kleurige lappen mooie geborduurde make-uptasjes, brillenhoezen, kussenslopen met geborduurde bloemen, palmen, halfapen en krokodillen uit Madagascar. Sara Brown uit de UK zette dit naaiatelier op om vrouwen een eigen broodwinning te geven. Hun creaties zijn te koop via de webshop.

Ook naar Madagascar? Je persoonlijke Travel Counsellor regelt het voor je.

Deel dit:


Travel Counsellors helpt dagelijks tientallen mensen met het creëren van reiservaringen om nooit te vergeten. Welke bestemming u ook in gedachten heeft, uw Travel Counsellor denkt graag met u mee.
Vind uw Travel Counsellor
Terug Naar Boven