Een trekking maken in Myanmar, 200 jaar terug in de tijd

Marinka van Dijk on 01 March 2017

Deel dit:

Inleiding

In Myanmar worden we minstens 100 jaar teruggeworpen in de de tijd, en tijdens het maken van een trekking kunnen we daar nog eens 100 jaar extra aan toevoegen. Het trekt me in eerste instantie niet echt aan. Conditioneel zie ik geen enkel probleem, maar ik ben bang voor een minimum aan luxe, correctie,geen enkele luxe. Ik wil echter niet kinderachtig zijn, en één nachtje moet kunnen toch? Dus de stoute (wandel) schoenen aangetrokken. Mijn conclusie na twee dagen wandelen en ervaringen opsnuiven is: doen, doen, doen! Echt niet overslaan mensen, het is het hoogtepunt van onze vakantie geweest. De trekking zul je in de reguliere rondreizen door Myanmar niet vaak tegenkomen. Geheel onterecht naar mijn mening. Deze tocht is voor iedereen met een redelijke conditie prima te doen.

Om 8 uur verzamelen we bij het restaurant van Sam. Wij hebben onze trekking geboekt bij Sam’s Trekking en hij regelt zijn zaakjes vanuit het familierestaurant. Wij kozen gisteren voor een twee daagse groepstrekking. Een groep bestaat uit maximaal zes personen en wij zijn in totaal met vijf. Wij drieën en nog twee Finse jonge meiden.

Eerst wurmen we ons allemaal in het laadklepje van een piepklein busje om een uur lang knietjevrijend te hobbelen naar ons beginpunt. We worden begeleid door twee ervaren, maar piepjonge gidsen. Een jongen en een meisje van respectievelijk twintig en negentien jaar. Onze zoon Jelle is op dat moment negentien en de twee Finse dames zijn begin twintig. Jan en ik zijn dus verreweg de oudsten.

De wandeltocht start al gelijk prachtig. We lopen over zandpaden, door landerijen, soms heuvel op heuvel af. De hele dag lopen we, en al die tijd hebben we geen asfalt, geen verkeer, gezien. Alleen prachtige landschappen en lieflijke dorpjes zonder wifi, electriciteit, niks. En het is mooi, geweldig zelfs, om hier even onderdeel van te zijn.

Onderweg drinken we thee bij een Pa O vrouw die iets over haar weefkunst vertelt. Onze gids behoort ook tot de Pa O stam vertelt ze. Op haar gezicht smeert ze, zoals bijna de hele bevolking van Myanmar, Thanaka, een goedje tegen de zon, maar het schijnt ook insecten op afstand te houden.

Zo rond een uur of één pauzeren we in een homestay waar onze gidsen zelf de lunch bereiden. Als we naar buiten kijken zien we het rustige, landelijke dorpsleven aan ons voorbij trekken. Dat, terwijl de gidsen het recept van de lunch van hun Ipad aflezen, honderd jaar vooruitgang in één moment vastgelegd. De lunch is een uitgebreide curry en smaakt meer dan goed.

’s Middags wandelen we in een rustig tempo verder en naderen zo langzaam aan onze homestay. In dit piepkleine dorpje slapen we in het huis van één van de dorpsbewoners. Ook andere wandelgroepen slapen in ditzelfde dorpje en aan het einde van middag is het gezellig druk in de enige winkel annex kroeg, waar zelfs een biertje te koop is.

We eten in onze homestay een maaltijd die ook weer is klaargemaakt door onze gidsen, in de keuken van de bewoners. En al heel vroeg duiken we onze bedjes in. Met het hoofd gericht naar Bhudda en onder een stapel mooie patchworkdekens. De nachten kunnen fris zijn in deze regio.

Dit is de reden dat een overnachting zoveel extra’s biedt: vroeg opstaan en deel uit maken van de vroege ochtendrituelen van de lokale bevolking. Onze buurvrouw is buiten bezig met het ontbijt, vrouwen lopen kletsend langs met lege waterkannen, op weg naar de waterput in het centrum van het dorpje. Kinderen spelen, met alles wat voor handen is. Ondertussen kraait de haan veelvuldig en is het een vogelgekwetter van jewelste. Langzaam komt de zon op.

Deze dag lopen we tot de lunchpauze en eindigen bij een kleine uitspanning aan de rand van het Inle Lake. Onderweg geen landbouw meer maar prachtige vergezichten, we zitten best hoog en moeten voor de lunch nog een flink stuk dalen. En dat is best nog een pittig klusje, zo op het laatst.

Na de lunch worden we in een bootje gezet en het hele meer overgevaren naar NyaungShwe, de backpackersplaats aan het Inle Lake. Daar logeren we in hotel Princess Garden. Het is handig als je op voorhand een hotel hebt geboekt, want als het goed is, is daar onze bagage naar toe gestuurd. Tijdens de boottocht van een klein uurtje ontmoeten we de beroemde éénbeensroeiers. Prachtig om te zien.

Deel dit:

Terug Naar Boven