IJsland: een 5-daagse rondreis met oma en kleindochter in 2018
Een midweek is voor IJsland veel te kort, maar voor een kennismaking met IJsland was onderstaande reis perfect. Zuid-IJsland is geweldig voor een kortere reisduur en verschillende reisgezelschappen, maar wees gewaarschuwd: eenmaal geproefd, smaakt het naar meer!
Onze reis
IJsland stond al lang op mijn lijst, en om eerlijk te zijn
staat deze er nog steeds want ik kan er terug blijven komen! IJsland staat
bekend om de ongerepte natuur en adembenemende watervallen, maanlandschappen en
ijsformaties. In 2018 was het moment daar; ik reisde samen met mijn oma naar
IJsland. Een gedeelte van de reizigers gaan aan het begin of het einde van
de winter, om op die manier de
adembenemende sneeuw en ijsmassa’s te zien, wij gingen echter in juni. Voor
koukleumen, gezinnen en groepen de perfecte reistijd. Dit was mijn eerste
internationale reis met oma en ook nog eens de eerste keer dat zij vloog! Wij
kozen ervoor om slechts 5 dagen te reizen; dit was voor ons genoeg om de meeste
bezienswaardigheden in het zuiden te zien en lang genoeg voor oma die, ondanks dat ze nog vrij goed ter been
is, niet te lang wilde rondreizen.
Onze reis begon in Reykjavik. De hoofdstad van IJsland en tevens de enige plek
met een internationale luchthaven. Deze bruisende stad is niet waarvoor je naar
IJsland gaat, maar de stad is het zeker waard om een nachtje te blijven slapen.
Vanaf de luchthaven hadden wij een huurauto. Dit is zeker aan te raden en
totaal niet lastig. Er loopt één hoofdweg het hele eiland rond: Route 1, de
IJslandse ringweg. De ringweg is iets meer dan 1300 kilometer lang en
grotendeels geasfalteerd. In de zomer prima te bereiden met een personenauto,
in de winter kan er sneeuw en ijs liggen en zijn winterbanden of een
4x4-voertuig echt nodig. In Reykjavik parkeerde wij de auto op de straat, maar
er zijn ook verschillende parkeergarages in het centrum te vinden. In het
centrum namen wij een kijkje in de pittoreske winkelstraat Lauavegur en
bezochten de Hallgrímskirkja kerk; een dynamische kerk dat volgens de architect
de traprotsen, bergen en gletsjers van het IJslandse landschap laat zien.
De volgende dag bezochten we een gedeelte van de Golden Cirkel; een route van
bijna driehonderd kilometer met de populaire highlights in het zuidwesten van
IJsland. Gezien er meerdere grotere higlights zijn, kan je de route zo lang
maken als je wilt. Wij hadden ervoor gekozen om twee van de meest toegankelijke
highlights te pakken die we het liefste wilde zien; Geysir en Gullfoss. Geysir
is één van de geisers, uitgegroeid vanaf de kleine heetwaterbronnen in het
gebied. De geiser zelf is de afgelopen jaren minder actief geworden, maar er
zijn genoeg andere geisers in de omgeving die nog wel om de haverklap hete
stoom de lucht in spuiten. Tijdens ons bezoek was het vrij druk bij Geysir
waardoor wij ervoor kozen om op een afstand te kijken naar het stoom dat de
lucht in schoot. Ik kan je vertellen; zelfs van een afstand is dit
indrukwekkend om te zien! Door de drukte stapten wij al snel weer in de auto en
reden we door naar Gullfoss; een gigantische waterval op de rivier Hvítá. Vanaf
de parkeerplaats een korte wandeling naar beneden via een wandelpad en tot mijn
vreugde was het ontzettend rustig! Oma bleef vanaf boven kijken, maar ik kon
het niet laten om mij dichter naar de waterval te begeven tot het tweede
uitzichtplateau. Gullfoss is indrukwekkend omdat het theoretisch gezien een
dubbele waterval is en het in een soort van kloof is gelegen. Dit geeft een
geweldig mooi uitzicht; en een geweldig hard kabaal! Het verbaasd mij nog altijd
dat de natuur zo iets groots en wonderbaarlijks kan creëren. Na deze bezoeken
was het voor ons tijd voor rust én verwenning! Op het einde van de middag
hadden we een reservering staan voor de bekende Blue Lagoon! Dit populaire,
natuurlijke bad is gevuld met geothermisch water van ongeveer 39 graden Celsius
en is gelegen in een oud lavaveld. Het kunstmatige meer is heerlijk warm en
geweldig om een keer gezien te hebben, maar persoonlijk vond ik het iets té
toeristisch om echt te kunnen ontspannen.

Vanaf Reykjavik reden we naar het plaatsje Vík, het meest zuidelijke stadje van
IJsland. De rit is ongeveer 2,5 uur, maar wij bezochten natuurlijk enkele
bezienswaardigheden onderweg. We maakte onder andere een stop bij de
watervallen Seljalandsfoss en Skógafoss. Twee prachtige watervallen die ieder
een eigen unieke karakter hebben. Onze eerste stop was Seljalandsfoss en deze
waterval is al te aanschouwen vanaf de ringweg. Een prachtige hoge waterval van
ongeveer 65 meter hoog. Vanaf de parkeerplaats is er een verhard pad richting
de waterval; ideaal voor reizigers met jonge kinderen of voor reizigers die
slecht ter been zijn. Oma bleef de waterval van een afstand aanschouwen, maar
zelf klom ik graag verder. Bij deze waterval kan je er namelijk achterlangs
lopen! Een tip voor als je naar IJsland gaat en dit van plan bent: neem
waterdichte schoenen en een goede regenjas mee. Mijn gele regenjas was van de
partij, maar zelf genoot ik van natte sokken en moest ik mijn best doen om niet
uit te glijden toen ik over het natte pad achter de waterval liep. Na een korte
wandeling stapte we weer in de auto; op naar Skógafoss! De waterval is iets
minder hoog dan Seljalandsfos, maar wel een stukje breder. Enthousiastelingen
kunnen een trap van ongeveer 100 treden beklimmen om boven de waterval te
komen; wij blijven deze keer lekker beneden. Als je geluk hebt en de zon staat
goed is er een regenboog te zien bij deze waterval. Laten wij nou net geluk
hebben gehad tijdens ons bezoek!
Voor ons waren twee watervallen die dag genoeg, maar in het zuiden zijn nog
meer prachtige watervallen te zien zoals Svartifoss en Kvernufoss.
Eenmaal ik Vík aangekomen was het tijd om wat te eten
en rustig aan te doen. Vík is een perfecte plek om te overnachting en ideaal
als je op doorreis bent gezien er een supermarkt, verschillende restaurants en
een tankstation aanwezig is. Na een heerlijke nachtrust vanuit ons hotel, met
uitzicht op een camping en het mooie landschap, bezochten wij het bijzondere
zwarte zandstrand: Reynisfjara. Het strand is ontstaan door vulkanisch lava. Na
een aardverschuiving begin 2026 is het sterk veranderd, dus mocht je nu willen
gaan zou ik persoonlijk de andere zwarte zandstranden in de omgeving opzoeken!
De rest van de dag deden wij rustig aan en aan het einde van de dag reden wij
terug richting Reykjavik voor onze laatste overnachting vlakbij het vliegveld;
want onze terugvlucht ging alweer vroeg. Op de terugweg naar Reykjavik werden
we beloond met prachtige maanachtige landschappen; een kers op de taart aan het
einde van onze rustige maar prachtige ontdekking door IJsland!
Wat een geweldige reis om met mijn oma mee te maken!
